Door een zware sneeuwstorm raakte het Groningse dorpje Huizinge in 1979 volledig afgesloten van de buitenwereld. Huizen, straten, auto’s, alles raakte bedolven onder een enorme laag sneeuw. En van de weeromstuit viel ook de stroomvoorziening uit. Dit verhaal gaat over wat er gebeurt als je plotseling volledig op elkaar aangewezen bent. Samen de schouders eronder? Gedeelde smart is halve smart? Of zijn er altijd een paar die zichzelf net iets meer toe eigenen, uiteindelijk ten koste van allen? Een conflict in een klein dorp als blauwdruk voor de wereldproblematiek.

Luister de podcast

Klik hier om meer foto’s te bekijken van Huizinge in de winter van 1979 Met dank aan Bob van Zalm en John van Hulst

Transcript Podcast

Intro podcast Klaes: ja het was een samenspel van natuur Reint: het was echt bar Klaes: de grond, dat was een grote spiegel je kon er haast op schaatsen en daarom vloog dat sneeuw over dat land. En alles hoopte zich op in die dorpen. Arjaan: Maar daarna werd het heel stil want er was geen stroom meer. Reint: ja heel veel mensen waren geisoleerd er is ook iemand doodgevroren hier in de buurt Klaes: wij hebben hier weken in de sneeuw gezeten. Weken. Reint: ja het was net pool je zag helemaal niks. Klaes: na anderhalve week ongeveer zijn we eigenlijk bevrijd met een grote Centuriontank Reint: en hele auto’s die werden zo opgeschept die zagen ze niet en dan kwam er zo’n hele grote tank en die tilde een hele bult sneeuw en dan zat er ook een auto in en die flikkerde ze zo over de sloot. [Muziek]   Start podcast Daan: Welkom bij de podcast van de Kostgangers. Mijn naam is Danielle Emans. Geert: En ik ben Geert van de Wetering. En in deze eerste aflevering bespreken we gelijk een bijzonder waardevol inzicht. Daan: Namelijk dat aan de basis van bijna alle grote maatschappelijke problemen …hetzelfde conflict ligt. Geert: klimaatverandering, overbevissing, zwarte scholen Daan: Allemaal conflicten tussen het eigen belang en het groepsbelang. Geert: In de psychologie wordt dit een sociaal dilemma genoemd. Arjaan Wit: Kies ik hier en nu voor mijn eigen voordeel. Of kies ik dan en straks voor het collectieve voordeel. Kies ik hier en nu voor het vermijden van individuele kosten of kies ik dan en straks voor het minder hebben van collectieve kosten of nadelen, of schade, of wat dan ook. Daan: Dit is Arjaan Wit. Hij is universitair hoofddocent in Leiden en … doet al 30 jaar onderzoek naar sociale dilemma’s. Arjaan: Wat mij erin aantrekt is dat het ’t probleem van alle eeuwen is, van alle samenlevingsvormen, of je het nu over een organisatie hebt, over een gezin, over een provincie of over een dorp. Het is overal aanwezig. En onze maatschappij is een groot deel van de tijd bezig om regelingen, arrangementen, contracten te creeeren om ervoor te zorgen dat de boel niet gierend uit de hand loopt. Arjaan: En in ons vak in onderzoek naar de sociale dilemma’s hebben we een begrip wat niet uniek voor ons is, maar dat is het ‘rotte appel-effect’. Er hoeft maar één rotte appel in de kist te zitten of die besmet de andere appels. Er hoeft maar één iemand zich niet aan die afspraak of die impliciete afspraak te houden of iedereen vindt daarin een reden om te zeggen dan doe ik het ook niet. Geert: In psychologische handboeken wordt het fenomeen vaak ingeleid met een bijzondere situatie die zich voordeed in de winter van 1979 – in het noord-Groningse dorpje Huizinge… Arjaan: …waar ruim 100 mensen wonen, die elkaar eigenlijk allemaal van naam en gezicht kennen. En die door de sneeuwoverlast waarin het hele dorp geïsoleerd werd, bijzonder op elkaar waren aangewezen. Daan: Door die hevige sneeuwval viel de stroom uit en moest iedereen gebruik maken van een noodaggregaat die maar beperkt elektriciteit kon leveren. Geert: Maar zelfs in die hechte gemeenschap van Huizinge, gelegen in het Hoogeland dat zo mooi bezongen werd door de Groningse troubadour – Ede Stael… Daan: …zelfs daar tussen bevonden zich een stel “rotte appels”… [muziek] Geert: Mensen dus die meer stroom afnamen dan was afgesproken. Daan: Wij vroegen ons af hoe dat nou kan? Hoe zelfs in zo’n hechte gemeenschap in een noodsituatie mensen toch hun eigen belang niet opzij kunnen zetten. Geert: We zijn naar Huizinge gegaan om uit te zoeken hoe de inwoners die bewuste winter zelf hebben ervaren. Klaes: Ik weet nog wel ik was marathonschaatsen-rijder, we hadden Provinciale kampioenschappen in Bavlo. Daan: Dit is Klaas Helmantel. Klaes: Klaes Frederik Helmantel Daan: hij werkte in die winter in de smederij van Huizinge. En die smederij speelt een belangrijke rol in dit verhaal. En toen Klaes dus in Bavlo was… Klaes: …daar moesten wij 100 rondjes schaatsen als Provincie Groningen. En toen begon het te sneeuwen. En toen zeiden we “jongens, we moeten zorgen dat we thuis komen, want er komen duinen op de weg. Het sneeuwt en het stuift.” Daan: Duinen op de weg? Klaes: Sneeuwduinen. Dus ik ben gewoon thuis gekomen, en eh…” Reint: De volgende dag zat alles dicht. Hier grote duinen hiervoor. Daan: Dit is Reint Wobbes. Een man met een groot gevoel voor rechtvaardigheid. Hij heeft niks met modes, dommigheid en mensen die zich slecht kunnen inleven. En…hij is ook niet bang om zijn medemens aan te spreken op z’n gedrag. Reint: Nou dat zijn geen prettige confrontaties. Kan mij verder niks schelen, maarhet is niet leuk. Geert: Maar goed, terug naar de winter van 1979. Voordat het was gaan sneeuwen had het dus ge-ijsregent, en… Klaes: …al dat land, dat werd één spiegel. Daan: De gladde ondergrond samen met de stevige wind  zorgde dat sneeuw ophoopte tot hoge sneeuwduinen. Meters hoog. Tegen auto’s, viaducten en huizen. Klaes: D’r zat een duin bij ons voor de deur van zo hoog. Dus ik moest eerst met de handen een gat graven dat we erdoor konden. En na die duin was het vlak en dan was weer een duin. Alles zat dicht. Geert: Wegen werden onbegaanbaar, boerderijen ondergesneeuwd, deuren geblokkeerd. Reint: Mensen versliepen zich omdat het niet licht werd. Daan: Huizinge raakte in één nacht volledig afgesloten van de buitenwereld. Reint: Je kon je auto niet eens meer terug vinden. Alles was sneeuw. Ik heb onze buurvrouw helemaal uitgegraven. Die had een binnenplaats, die was helemaal vol. Die kon zelfs de deur niet uit. Ja heel veel mensen waren geisoleerd. Er is ook iemand doodgevroren hier. Klaes: We hebben hier weken in de sneeuw gezeten. Weken. Reint: ja het was net Pool. Je zag helemaal niks. He, er loopt daar een kanaal, we zijn twee keer over dat kanaal gekomen, helemaal niet gemerkt. Mijn buurman struikelde op een gegeven moment en toen keken we waar ‘ie over gestruikeld was dat was het bord Huizinge 50 kilometer. Dus die is manshoog, zoveel sneeuw lag daar. Je zag echt niks. Geert: En al die sneeuw veroorzaakte ook… kortsluiting in het elektriciteitshuisje. Klaes: Kortsluiting. De stroom allemaal weg. Dus heel Huizinge en omlanden hadden geen stroom meer. Daan: Geen licht, geen verwarming, geen contact met de buitenwereld via radio of televisie. En geen stroom voor de melkmachines. Klaes: maar de boeren, die moesten wel melken. Reint: En toen zei onze smid, nou, ik heb een aggregaat. En daar zetten we een grote tractor voor. We hebben met elkaar een gat in de muur geslagen met een as naar die aggregaat. Geert: Even voor de duidelijkheid, die aggregaat was in dit geval niet zo’n dingetje dat je weleens op straat ziet staan – tijdens braderieen of zo, zo’n ding met een benzinemotor. Daan: Dit was een losse aggregaat, zeg maar een hele grote fietsdynamo. Die moest dus nog aangedreven worden. Dat kan met een benzinemotor die eraan vastzit. Maar in Huizinge hadden ze hiervoor een grote trekker in stelling gebracht… Klaes: En toen hebben we met die noodaggregaat hebben wij de zaak voorzien van stroom. Reint: Nou en toen werden er afspraken gemaakt van jongens nou moet iedereen maar één lampje aan. Klaes: En de boeren die moesten om de beurt melken. Anders was er te weinig stroom. Dus Westeind die molk om 4 uur, en Elema die molk om 6 uur, en Ubbens die molk nog een uur later, zo werd dat allemaal afgesproken. Reint: Niet wassen… Klaes: Straalkachel mocht niet want die gebruikte teveel stroom. De vrouwen zaten toen onder zo’n kap om krullen erin te maken, weet je wel. en dan werd dat gedroogd, mocht ook niet. Reint: En daar niet tegen zondigen. En toch deden sommige dat. Arjaan: Dus het is korte termijn, eigen belang, stroom pakken, warmte, nieuws, muziek, licht, alles wat je maar wilt in huis. Daan: Dit is weer Arjaan Wit, specialist op het gebied van sociale dilemma’s.. Arjaan: En het lange termijn belang hoe kunnen we zorgen dat iedereen de stroom heeft die die absoluut noodzakelijk heeft. Mensen die behoeftig zijn, koeien die gemolken moeten worden, enzovoorts, dat dat doorgang kan vinden. Dat kan alleen maar al iedereen zich matigt in het gebruik. Dat is dus het dilemma. En als je dat loslaat aan de vrije krachten, en dat is eigenlijk de hele liberale gedachte achter heel veel economische modellen ook, dan is de verleiding zo groot om je eigen korte termijn belang te dienen, dat het lange termijn belang uit het oog verloren wordt en je ‘s avonds of ‘s middags al zonder enige stroom zit en je die generator naar de filistijnen hebt geholpen. Geert: En dat gebeurde dan ook meerdere keren. Klaes: Daar zaten hele zware zekerings in. En bats… zeiden dan was het eruit. Dus dat hadden we ook gauw in de gaten. Geert: De grote vraag blijft natuurlijk waarom sommige inwoners meer stroom afnamen dan was afgesproken. Daan: En nu blijkt uit onderzoek dat mensen vaak te optimistisch zijn over wat er te verdelen valt. Arjaan: En wat je merkt, altijd als je niet precies weet hoe groot de taart is die wij met ons dorp kunnen verdelen. In dit geval stroom. Dat mensen de neiging hebben om die taart de grootte daarvan te overschatten. Dus als je het niet precies weet hoeveel vis er in de zee zwemt, als je niet precies weet hoeveel stroom er door die generator geleverd kan worden als je niet weet hoeveel CO2 de wereld aankan om niet klimaatproblematiek te krijgen. Dan overschat je eigenlijk de hoeveelheid wat er te halen is. Dus de taart waar je een puntje van mag nemen daar overschat je de omvang van en dan heb je per definitie ook zelf een groter puntje. Geert: Als dat overschatten een natuurlijke neiging is – dan zal hier in Huizinge vast ook sprake van zijn geweest. De zogenaamde rotte appels namen niet moedwillig meer stroom af dan was afgesproken, maar ze gingen er onbewust van uit dat er meer stroom beschikbaar was – dan er feitelijk was. Bob: Nou wat is teveel stroom, ik weet het niet, ik heb er geen idee van. Daan: Dit is Bob van Zalm, fotograaf en inwoner van Huizinge. Bob: Ik geloof dat we een keer te lang naar televisie hebben gekeken, geloof ik euh, radio of tv noord toendertijd, omdat we toch wel nieuwsgierig waren hoe de toestand om ons heen, hoe dat verliep natuurlijk. Daan: Om nu te voorkomen dat inwoners om de haverklap de regels aan hun laars lapte… Geert: …bewust of onbewust… Daan: …besloot een aantal dorpsbewoners de boel te gaan controleren. Bob: Twee mensen die namen het initiatief, die liepen het dorp een beetje rond om te informeren of mensen niet te veel stroom afnamen of er stiekem toch een wasmachine aan stond. Of dat er stiekem tv gekeken werd. En dat soort zaken. Reint: Je kon ook niet altijd controleren wie het was. Maar we zeiden ‘Jongens, het gaat niet goed…’ Geert: Reint was dus een van die controleurs. Reint: “Als je teveel hebt, uit!” Nou zo ging dat. Daan: En dan deden mensen dat ook wel? Reint: Dan deden ze dat ook wel als ze betrapt waren zeker. Ha, ha… Bob: Als je dat deed dan kreeg je op je donder. Dus dat kon natuurlijk niet. Arjaan: In Huizinge was duidelijk sprake van een leider, niet een dorpsleider, niet een burgemeester, maar gewoon een van de mensen in het dorp die zich opgeworpen heeft om te zeggen ik ga ‘s avonds bij de mensen langs om aan te bellen, als de gordijnen dicht zijn en we weten niet wat voor apparatuur ze allemaal aan hebben om te zeggen we doen toch wel even zuinig aan want want want want want. En dat is niet een dankbare positie om zo’n soort monitorrol te vervullen want je krijgt veel shit naar je hoofd. Reint: Later op verjaardagsvisite werd onze taak natuurlijk wel eens een beetje belachelijk gemaakt. En dan zei ik ‘nou maar jij staat voor eeuwig te boek als een asociale hufter’. Geert: Maar deze asociale hufter was niet de enige. Daan: Reint gaf aan dat het vaak om dezelfde overtreders ging. Een klein groepje mensen met zo hun eigen ideeën. Geert: De zogenaamde import vanuit de stad. Reint: In die tijd had je de hang naar het platteland. Waar het leven nog goed was Zestigerjaren. Romantiek. Ja de euforie van het buitenwonen. Daan: Geen uitzonderlijk verschijnsel als je de geschiedenis kent. Reint: Nou, die romantische beweging die is herhaaldelijk gebeurd. Denk maar eens aan Laren, denk maar eens aan Bergen, waar de kunstenaars gingen wonen. Die kunstenaarskolonies. Precies hetzelfde verschijnsel. Worpswede, Barbison in Frankrijk. Dat is allemaal die hang naar het platteland geweest. Nou dat gebeurt iedere keer weer hoor. Dat gebeurt straks ook weer. Geert: Alleen… volgens Reint mixte in Huizinge die nieuwe inwoners niét zo lekker met de oorspronkelijke bewoners. Reint: Die zogenaamde import die klitte heel erg. Daan: Ze keken een beetje neer op de dorpse mores. Dat was maar burgerlijk… Reint: Alles moest kunnen, zo’n sfeer was het. Maar als alles moet kunnen dan mag dat niet ten koste gaan van een ander. Dat vonden ze eigenlijk maar een beetje belachelijk dat er regels waren. Reint: Nou die categorie die maakte zich voornamelijk schuldig aan… Geert: …aan het aftappen van meer stroom dan was afgesproken. Daan: Zo bezien lijkt het iets te maken te hebben met de tijdgeest. Geert: Zo van: met van die linksige types vallen geen afspraken te maken. Daan: Maar het is juist van alle tijden. Geert: Het heeft te maken met sociale onzekerheid. Daan: In je keuze tussen je eigen voordeel en het algemene belang is het belangrijk te weten welke keuzes anderen gaan maken. Arjaan: Wie zijn die anderen? Wat voor behoefte hebben ze, wat gaan ze eigenlijk doen. Dat gaat dus over de mensen en heb ik daar eigenlijk wel iets mee en hebben die wel iets met mij en kan ik daar eigenlijk wel op rekenen als ik zuinig doe, dat zij ook doen, een soort wederkerigheid. Of kan ik daar helemaal niet op rekenen, omdat ze me niet eens kennen, niet eens weten wat ik doe. Geert: Kortom, die onzekerheid over in hoeverre mijn medemens zich aan de regels houdt… Arjaan: Je weet niet wat er achter die gordijnen gebeurt. Geert: …en de onzekerheid over de grootte van de taart, in het geval van Huizinge dus de hoeveelheid stroom, zijn van bepalende invloed op de keuze die iemand maakt om voor de groep te gaan, of voor zichzelf. Daan: Er is dus sprake twee soorten van onzekerheid: sociale onzekerheid en onzekerheid over hoeveel er te verdelen is. Arjaan: De combinatie van beiden is de slechtste situatie om het collectieve belang te dienen. En dan kies je toch vaker voor jezelf. Denk dan heb ik het in ieder geval zelf warm. Geert: En in het geval van de oorspronkelijke bewoners van Huizinge versus de hippie import kan je dus zeggen dat de sociale onzekerheid groot was. Daan: De oude en nieuwe groep hadden andere opvattingen. Geert: Dat maakt het moeilijker om een goeie inschatting te maken van wat de ander gaat doen. Daan: En in zo’n geval kies je sneller voor jezelf. Arjaan: Dus ieder voor zich, maar niemand voor ons allen. Daan: En het gaat dus verder dan tijdsgeest. Geert: Het gaat meer over of je je met de groep kan identificeren. Daan: En als je dat niet zo goed kunt, dan ga je je ook minder sociaal gedragen. Geert: En dat is eigenlijk een geruststellende gedachte. Daan: Ja, we gingen naar Huizinge met een beetje een pessimistisch mensbeeld. Zo van nou, als het in zo’n dorp al niet lukt om het groepsbelang te dienen. Wat betekent dat dan voor de grote maatschappelijke problemen? Geert: Maar door de gesprekken in het dorp, kregen we een veel genuanceerder beeld van hoe het daar zat. Het waren vooral een aantal mensen die zich niet aan de regels hielden en hun gedrag is te verklaren… Daan: Ze identificeerde zich minder met het dorp. En daar valt wat aan te doen. Arjaan: En natuurlijk zie je dat als je de identificatie met de groep versterkt door mensen in elkaars nabijheid te wijzen op elkaars gelijkheid en op het gezamenlijke lot waar ze aan onderhevig zijn. Dus je maakt er echt een groep van. Dat de bereidheid om je op te offeren voor het groepsbelang toeneemt. Maar niet tot 100%! Nooit. Het blijft een dilemma. Geert: Ja, het blijft een dilemma. Maar je kan er dus wel voor zorgen dat meer mensen sociaal gedrag gaan vertonen. Arjaan: Dus je gaat van 50% eigen belang keuzes ga je naar 30% eigenbelang keuzes. Daan: Met andere woorden, dat is dus een stijging van 20% in het voordeel van de groep. En dat stemt ons positief. Geert: Want als je dat toepast op grote sociale problemen… Daan: Denk dus aan klimaatverandering. Geert: …dan zet zo’n percentage nogal wat zoden aan de dijk!   Slot Podcast Daan: Dit was de podcast van de Kostgangers. Geert: Leuk dat je geluisterd hebt. Daan: Kijk voor meer informatie over onze podcast op Kostgangers.nl Geert: Daar zijn ook een aantal prachtige foto’s van Huizinge te vinden, gemaakt in die bewuste winter van 1979. De foto’s zijn genomen door Bob van Zalm, zojuist ook te horen in verhaal. Daan: Dank aan iedereen die heeft meegewerkt aan dit verhaal. Geert: In het bijzonder John van Hulst die ons in contact heeft gebracht met de inwoners van Huizinge. Daan: Ciao!